Nieuws

In het begin van de achttiende eeuw wijzigde het uiterlijk van Portugese juwelen ingrijpend. Rui ging woensdagavond in op de oorzaken en de gevolgen.

Quizvraag: voor of na de toevloed uit Brazilië gesmeed?
Archidiocese of Évora

 

Vanaf 1720 werd Portugal overspoeld met edelstenen die in Brazilië werden gewonnen. Tot die tijd blonken juwelen vooral uit vanwege het vakmanschap van de edelsmeden. Na die tijd bepaalden de steenzetters en -slijpers het ontwerp. Metaal werd slechts het chassis waarop de stenen hun plek vonden.

Rui Galopim de Carvalho liet de verschillende stijlen uitvoerig zien. Ook vertelde hij over de “behandelingen” die de stenen ondergingen om ze meer te laten voldoen aan de gewenste nieuwe smaak. Tegenwoordig bestralen we topazen om ze mooi blauw te maken. De Portugese steenzetters van toen plakten grote hoeveelheden gekleurde folie achter bleke stenen, om ze vooral te laten sprankelen in de gewenste kleur.

Erg grappig was het gebruik om zwarte inktstippen op de collet van simulant-diamanten (zoals witte topaas) te zetten. Hiermee werd oxiderend zilver gesimuleerd, wat ooit een kenmerk van echtheid was.

Een andere eigenaardigheid: aquamarijn en toermalijn werden in die tijd niet gewaardeerd, smaken veranderen nog steeds.

Meer weetjes passeerden deze avond de revue. Nooit geweten dat de oude Portugese karaat maar liefst 0.20575 gram woog (de huidige karaat is 0.2 gram). Misschien komt deze kennis ooit nog van pas.

Meest van toepassing was wel het stopwoordje “No metal!”. Als gemmologen zijn wij het daar natuurlijk wel mee eens.

Ondanks de mooie sieraden die zijn geproduceerd met deze fraaie stenen, blijft aan het eind van de avond toch een zeker medelijden over met al die Portugese goudsmeden uit de achttiende eeuw. Op het top van hun kunnen was hun vakmanschap niet meer nodig.

Deze bijeenkomst was weer een samenwerking tussen Vereniging Gemma en het Gemmologisch Gilde Nederland.

Linkedin van Rui

- HR